Verslaglegging en verantwoording

De beoordelingen van het CBF hebben betrekking op de volgende terreinen:
   • Bestuur 
   • Beleid
   • Fondsenwerving
   • Besteding van de middelen
   • Verslaglegging en verantwoording

Verslaglegging en verantwoording
Omgaan met belanghebbenden en klachten

De instellingen streven naar een optimale relatie met belanghebbenden. Ze besteden aandacht aan informatieverschaffing en de verwerking van wensen, vragen en klachten. De instellingen dienen een procedure te hebben voor de ontvangst en behandeling van klachten. Klachten worden geregistreerd in een klachtenregister.

Richtlijn 650 Fondsenwervende instellingen
Alle instellingen met een CBF-beoordeling moeten hun jaarverslaggeving opstellen volgens de Richtlijn 650 Fondsenwervende instellingen. Deze Richtlijn 650 is speciaal voor fondsenwervende instellingen ontworpen. De Richtlijn bevat regels voor de financiële verantwoording en voor de opzet van de balans en de staat van baten en lasten. Zo komt men bij alle keurmerkhouders, certificaathouders en verklaringhouders dezelfde opstelling tegen en dezelfde begrippen. Uniformiteit en transparantie staan voorop.

Jaarverslag
In een jaarverslag legt een organisatie verantwoording af over het afgelopen jaar. Het jaarverslag geeft het meest complete inzicht in een organisatie. Ieder fonds heeft zijn eigen stijl en ideeën, maar bepaalde elementen treft men in elk jaarverslag aan.

Grofweg bestaat een jaarverslag uit twee gedeelten: een verslag in woorden en een verslag in cijfers. Het eerste heet het bestuursverslag. Dit beschrijft activiteiten en gebeurtenissen van het afgelopen jaar. Het bestuur moet laten zien hoe het staat met de realisatie van de doelstellingen zoals ze zijn opgenomen in het beleidsplan. Daarnaast geeft het ook een indruk van de plannen voor het komende jaar. Het tweede deel is de jaarrekening waarin de inkomsten en uitgaven en de financiële positie van de instelling bekend worden gemaakt. Het jaarverslag moet voor het publiek beschikbaar zijn.

Jaarrekening
Met de publicatie van de jaarrekening legt een instelling financiële verantwoording af over het afgelopen jaar. Alle instellingen met een CBF-beoordeling moeten hun jaarrekening volgens dezelfde regels opstellen. Dat betekent dat de jaarrekeningen overeenkomen in opzet en woordgebruik.

De staat van baten en lasten is de weergave van de inkomsten en uitgaven gedurende een jaar. Het is de optelsom van een heel jaar.
In de balans staan de bezittingen en verplichtingen van een instelling aan het eind van het jaar. De balans is een momentopname aan het eind van dat jaar.
De jaarrekening begint meestal met de balans, dan de staat van baten en lasten en vervolgens de toelichtingen op de afzonderlijke posten.
Aan het eind van de jaarrekening bevindt zich de goedkeurende controleverklaring, het teken van de accountant dat de boekhouding in orde is en de relevante regels zijn gevolgd.

Zie voor de volledige inhoud van de criteria Artikel 4 van het Reglement CBF-Keur en Artikel 4 van het Reglement CBF-Certificaat voor kleine goede doelen.